|
|
Belang
goede voeding | Tips
gezond eten
Tips om gezond te eten
Los van alle individuele verschillen en specifieke eisen in geval van
ziekte, is het mogelijk om algemeen geldende voedingsrichtlijnen te geven:
- Varieer
zo veel mogelijk. Hierdoor kun je tekorten aan noodzakelijke
voedingsstoffen voorkomen. Bovendien vermijd je dat je teveel schadelijke
stoffen, die van nature in de voeding voorkomen (nitraat in groente
bijvoorbeeld), binnenkrijgen. Ook is er minder kans om een
voedselovergevoeligheid te ontwikkelen.
- Kies voor natuurvoeding, je krijgt dan geen resten van
bestrijdingsmiddelen binnen en de smaak is meestal ook veel beter.
- In de winkel zorgvuldig het etiket lezen, kan je een stuk wijzer
maken. Handig om te weten is dat de volgorde van de ingrediënten niet
willekeurig is: het meest gebruikte ingrediënt wordt als eerste genoemd.
- Eet meer plantaardige en minder dierlijke producten.
- Eet royaal groente (minimaal 250 gram per dag) en fruit (minimaal
200 gram/2 stuks per dag).
- Rauwkost heeft vaak een gezondheidsimage, maar niet iedereen is
in staat om het goed te verteren. Slecht verteerde rauwkost kan de
gezondheid eerder schaden dan goed doen. Probeer het daarom eerst met een
kleine hoeveelheid en snijd het heel fijn. Goed kauwen is belangrijk.
Sperziebonen, snijbonen en peultjes niet rauw eten en kiemen van
peulvruchten (zoals taugé) niet te vaak onverhit eten.
- Door groente te smoren of te roerbakken in een beetje
koudgeperste (olijf)olie blijven de voedingsstoffen en de smaak beter
behouden.
- Bètacaroteen is een belangrijk vetoplosbare vitamine in groenten
en fruit. Een kleine hoeveelheid vet vergroot de opname. Roerbakken, maar
ook een theelepel olie in een glas groentensap of (gedroogde) abrikozen
met wat noten eten, zijn enkele voorbeelden.
- Combineer nitraatrijke groentesoorten, zoals andijvie,
bleekselderij, postelein, raapstelen, rode biet, sla, spinazie en
spitskool niet met vis. Er kunnen schadelijke stoffen (nitrosamines)
gevormd worden. Ook het groentennat van nitraatrijke groenten niet
gebruiken voor saus of soep en geen restjes bewaren. Eet nitraatrijke
groenten niet vaker dan twee keer per week. Biologische groenten van de
volle grond bevatten het laagste nitraatgehalte.
- Natuurtroebele vruchtensappen geven veel minder snel aanleiding
tot diarree bij kinderen.
- De meeste kinderen houden van zoet, maar een minder zoete smaak
is aan te leren. Diksap is hiervoor ideaal, omdat de verdunning met water
zelf bepaald kan worden. Probeer vanaf het begin geen suiker in de
kruidenthee te doen: venkel, anijs en zoethoutthee zijn van nature al een
beetje zoet.
- Volkoren koekjes gezoet met graanstropen smaken ook minder
zoet en vinden kinderen toch erg lekker, evenals ongezwaveld gedroogd
fruit.
- Gebruik zo veel mogelijk ongeraffineerde graanproducten zoals
volkoren brood, pasta, zilvervliesrijst en graanvlokken.
- Ook peulvruchten kunnen eens wat vaker op het menu verschijnen.
Peulvruchten kunnen zowel het vlees als de aardappelen vervangen, maar
niet de verse groenten.
- Verminder de hoeveelheid vlees en vleeswaren tot maximaal 100
gram (rauw gewicht) per dag en eet het niet elke dag.
- Eieren kunnen het vlees vervangen bij de warme maaltijd.
- Vanwege het milieu, dierenwelzijn en de goede smaak kun je het
beste biologisch of biologisch-dynamisch vlees en eieren kopen.
- Probeer gemiddeld twee keer per week vis te gebruiken en kies
regelmatig de vette soorten zoals haring, makreel, zalm, sardines. Leuk om
te weten is dat een gemiddeld vette vis ongeveer net zo weinig vet bevat
als mager rundvlees.
- Vlees en vis stomen is beter dan bakken in vet.
- Kaasgebruik beperken tot een of twee boterhambeleggingen en het
niet te vaak als vleesvervanger bij de warme maaltijd eten.
- Ongezoete zure melkproducten, zoals karnemelk, yoghurt of
biogarde, hebben de voorkeur boven zoete melkproducten, zoals gewone melk
en vla. Twee a drie porties (glas, schaaltje) per dag is voor de meeste
mensen voldoende.
- Kwark is verse kaas en daardoor zeer eiwitrijk, wees er niet te
royaal mee.
- Varieer eens met vleesvervangers en vegetarisch beleg bij de
maaltijd.
- Voor op brood kunt u met mate biologische roomboter of
biologische margarine/halvarine nemen.
- Als u geen roomboter, margarine of halvarine gebruikt, let dan op
uw vitamine A en D inname. Vette vis, meer groenten en fruit en regelmatig
naar buiten zijn dan zeker aan te raden.
- Gebruik in plaats van zout: oerzeezout, zeezout of gejodeerd
mineraalzout. Ook verse en gedroogde kruiden en specerijen kun je ook een
pittige smaak krijgen, waardoor er minder zout nodig is.
- Gebruik zo min mogelijk geraffineerde suiker of zoetstoffen.
- In de natuurvoedingswinkel vindt u naast de pindakaas veel
soorten noten- en zadenpasta's voor op brood of voor een lekkere saus bij
de warme maaltijd.
- Noten, zaden en pinda's kunnen behalve als tussendoortje ook
verwerkt worden in de warme maaltijd als vleesvervanger.
- Bij de warme maaltijd kunt u olie gebruiken om te (roer)bakken en
voor dressings.
- Drink minimaal 1,5 liter vocht en reken koffie, (zwarte) thee en
alcohol niet mee. Beter is: kruidenthee, rooibosthee, granen- of
vruchtenkoffie, groenten- of vruchtensappen, zure melkproducten, bronwater
eventueel met Diksap, kruidenbouillon.
|